Maandelijks archief: juli 2015

Foto- en Filmdienst Hoogovens

Tijdens de allerlaatste week van de Stadsfenne opgraving, in oktober 1964, heeft de Foto- en Filmdienst Hoogovens foto- en filmopnamen gemaakt van de opgraving. Wat de Hoogovens daar precies te zoeken hadden is mij nog niet helemaal duidelijk. Blijkbaar had Hoogovens toen een werkgroep archeologie die aan allerlei archeologische projecten mee deden, zowel op het eigen Hoogovens terrein in Velsen als in de rest van Nederland.

22 Oktober 1964. De schaftketen van de archeologen, met op de achtergrond het kerkje van Stavoren. Op de voorgrond een andere vriend. Foto door Foto- en Filmdienst Hoogovens, nu in het archief van Tata Steel.
22 Oktober 1964. De schaftketen van de archeologen, met op de achtergrond het kerkje van Stavoren. Op de voorgrond een andere vriend. Foto door Foto- en Filmdienst Hoogovens, nu in het archief van Tata Steel.

De archeologische Werkgroep Hoogovens was in de jaren ’60 bezig met een film over archeologie, “Het verleden present”. De film werd vertoond bij verschillende gelegenheden. De film is opgenomen in kleur op een 16mm film en duurt ongeveer 20 minuten.

22 Oktober 1964. Een cameraman van de Foto- en Filmdienst Hoogovens maakt opnamen van de Stadsfenne opgraving in Stavoren. Foto uit archief van Tata Steel.
22 Oktober 1964. Een cameraman van de Foto- en Filmdienst Hoogovens maakt opnamen van de Stadsfenne opgraving in Stavoren. Foto uit archief van Tata Steel.

Een aantal foto’s van de opgraving van Stavoren en de bovengenoemde film bevinden zich in het centraal archief van Tata Steel. Eind augustus hoop ik daar eens langs te gaan om de film te bekijken. Ik verwacht dat de filmbeelden van Stavoren ook in “Het verleden present” voorbij komen! Ik ben erg benieuwd!

22 Oktober 1964. Een gezellig bord bij de schaftketen van de archeologen tijdens de Stadsfenne opgraving. Foto uit het archief van Tata Steel.
22 Oktober 1964. Een gezellig bord bij de schaftketen van de archeologen tijdens de Stadsfenne opgraving. Foto uit het archief van Tata Steel.

De gouden ring van Stavoren

Zoals ik al in een eerder berichtje schreef, zijn er een aantal vondsten van de Stadsfenne opgraving in Stavoren kwijt. Dat wil zeggen, deze vondsten liggen niet tussen de rest van de vondsten in het archeologisch depot in Nuis.

Een van die verdwenen vondsten was een gouden ring met een amethist inzet. Dit is een van de topvondsten van de Stadsfenne opgraving. In de enkele publicaties die zijn gemaakt over de opgraving wordt deze ring altijd genoemd. De ring is gefotografeerd in zwart/wit en kleur.

Een dia van de gouden ring van Stavoren. De dia is gemaakt door de ROB.
Een dia van de gouden ring van Stavoren. De dia is gemaakt door de ROB.

De ring spreekt natuurlijk nog meer tot de verbeelding omdat een gouden ring een grote rol speelt in de sage Het vrouwtje van Stavoren. In dat verhaal, gooit de rijke koopmansweduwe haar gouden ring in het water met de woorden: ‘Zomin deze ring uit de zee terugkeert, zomin zal ik tot de bedelstaf vervallen’. Niet veel later wordt de ring echter teruggevonden in een vis en de voorspelling komt uit: de rijke vrouw verliest al haar bezit en moet gaan bedelen.

Het verhaal heeft een middeleeuwse oorsprong, maar het deel over de gouden ring in het verhaal is waarschijnlijk een toevoeging uit de achttiende eeuw (zie het artikel van Klaas Zwaan in het boek Staveren o Staveren, 2002). Een ring die in een vis gevonden wordt komt namelijk wereldwijd in verhalen voor en was populair in de achttiende eeuw. Het motief is echter al bekend uit oude Griekse verhalen door Herodotus.

Met enige mailwisseling met het Fries Museum in Leeuwarden ben ik er nu eindelijk achter gekomen dat de gouden ring van de Stadsfenne opgraving daar in de collectie aanwezig is! Dat het zo lang moest duren komt omdat het Fries Museum geen informatie had over de ring, ze wisten niet dat de ring in Stavoren gevonden was. Nu zijn gelukkig de vondst en de informatie bij elkaar en kan verder onderzoek gedaan worden naar de ring.

Op dit moment weten we eigenlijk weinig over de ring. Zoals te zien op de foto heeft de ring een inzet van amethist. De ring heeft een diameter van 2,7 cm. De datering van de ring is nog lastig, eigenlijk zou er een specialist naar moeten kijken. Op basis van de context waarin de ring is gevonden denk ik dat de ring in de eerste helft van de twaalfde eeuw van iemands vinger is geglipt…

Een recent foto van de ring. Collectie Fries Museum, Leeuwarden.
Een recent foto van de ring. Collectie Fries Museum, Leeuwarden.

“… een balpot voor den dag gekomen.” … het vervolg!

Zoals ik al in mijn vorige berichtje schreef, heb ik de afgelopen dagen doorgebracht in het Noordelijk Archeologisch Depot in Nuis. Toen ik door de loodsen liep op weg naar de dozen met materiaal uit Stavoren, viel mijn oog op een enorme pot bovenop een stellingkast. De pot stond in een speciaal daarvoor gemaakte metalen houder en was provisorisch vastgebonden met een stuk touw. Het geheel stond een beetje wankel op een pallet.

Ik moest meteen denken aan de enorme pot die in 1927 in Stavoren was gevonden, waar ik ruim een jaar geleden al iets over schreef. Ik vroeg me toen af waar de pot uit Stavoren was gebleven… Zou dit hem zijn?

uit de Leeuwarder Courant van 30 juli 1927
Uit de Leeuwarder Courant van 30 juli 1927. De maten die in dit krantenartikel worden genoemd kloppen trouwens niet. De juiste maten zijn beschreven in “Verslag van het Fries Genootschap” uit 1927-1928. De pot uit 1927 was 1,17m hoog met een buikwijdte van 1,05m.

Michiel, een van de depotbeheerders, wist eigenlijk ook niet goed waar de pot in het depot vandaan kwam. De pot heeft daar blijkbaar gestaan sinds het depot in Nuis werd opgericht…

Het wankele geval werd héél voorzichtig met een heftruck naar beneden gehaald om de pot beter te kunnen bekijken. Er zat erg veel vuil op en in de pot. We hebben hem dus naar buiten gereden om schoon te maken met een borsteltje en een emmer water.

Voorzichtig wordt de pot vervoerd en buiten gezet.
Voorzichtig wordt de pot vervoerd en buiten gezet.
Met water en borsteltjes hebben we de pot schoongemaakt.
Met water en borsteltjes hebben we de pot schoongemaakt.

We hebben de foto uit de krant van 1927 nog eens naast de pot in Nuis gehouden… en het kan niet missen: dit is de pot die toen in Stavoren is gevonden! Een aantal details zoals breuklijnen zijn precies hetzelfde.

Zover ik weet is er geen onderzoek gedaan naar deze pot. We weten eigenlijk helemaal niks over de pot. Hoe oud is de pot? Waar is de pot gemaakt? Hoe is de pot in Stavoren terecht gekomen? De enige publicatie over de pot, naast het krantenknipsel hierboven, komt uit het Verslag van het Fries Genootschap uit 1927-1928:

“Zeer groote, regelmatig gevormde, eivormige kruik, zandkleurig. De rand ontbreekt. In de maand Juli 1927 ontgraven in de stad Stavoren naast een woning, op korten afstand van het stadshuis, aan dezelfde straat en links er van, als men er met het gezicht naar toegekeerd staat. De kruik zat dicht aan de oppervlakte en diende als regenbak. Het baksel is gelijk aan dat van ruwwandig Romeinsch vaatwerk. Deze techniek van bakken is echter, vooral in Zuidelijke landen, lang in zwang gebleven. In Friesland is deze kruik stellig niet vervaardigd. Nog hoog 1.17 M., buikwijdte 1.05 M. Afgebeeld in de Leeuwarder Courant van 30 Juli 1927, 4e blad. In bruikleen van het gemeentebestuur van Stavoren.”

De pot in het depot in Nuis. Foto door mijzelf.
De pot in het depot in Nuis. Foto door mijzelf.

Mijn docent Arno Verhoeven kon in ieder geval zeggen dat het geen middeleeuws aardewerk uit Noordwest-Europa is. Het lijkt ook onwaarschijnlijk dat het een Romeinse pot is. Mogelijk is de pot gemaakt in de vijftiende of zestiende eeuw in het Mediterraans gebied, maar om dat zeker te weten is meer onderzoek nodig.

Wat verder opvalt is dat de pot een vlakke bodem heeft en een grof baksel.

Detail van de buitenzijde van de pot. Foto door mijzelf.
Detail van de buitenzijde van de pot. Foto door mijzelf.
Detail van de binnenzijde van de pot. De grijze cement lagen zijn pogingen tot restauratie. Foto door mijzelf.
Detail van de binnenzijde van de pot. De grijze cement lagen zijn pogingen tot restauratie. Foto door mijzelf.

Aan de binnenzijde zijn wat sporen van reparatie te zien. Een aantal scheuren in de pot zijn dichtgemetseld. Dat moet toendertijd gedaan zijn door het Fries Museum in Leeuwarden, die de pot jarenlang in bezit heeft gehad.

Het verhaal is nog niet afgelopen. We zullen een aantal specialisten benaderen in de hoop meer te weten te komen over de herkomst en datering van deze pot. Dus wordt vervolgd…!

Vondsten uit Nuis

De afgelopen dagen heb ik weer doorgebracht in het Noordelijk archeologisch depot in Nuis. Deze keer heb ik een selectie van het vondstmateriaal van de Stadsfenne opgraving bekeken, samen met mijn docent Arno Verhoeven van de Universiteit van Amsterdam.

Een van de pallets met dozen vol vondsten uit Stavoren. Zo staat alles nu opgeslagen in het depot in Nuis.
Een van de pallets met dozen vol vondsten uit Stavoren. Zo staat alles nu opgeslagen in het depot in Nuis.

De eerste indruk van het materiaal dat we bekeken, heeft bevestigd wat we eigenlijk al dachten: de middeleeuwse stadsuitbreiding in de Stadsfenne is begonnen in de eerste helft van de twaalfde eeuw. Het aardewerk bestond vooral uit lokaal en handgemaakt kogelpotaardewerk en import aardewerk uit het Rijnland (voornamelijk uit de potterbakkersdorpjes Pingsdorf en Paffrath bij Keulen). Daarnaast hebben we ook wat aardewerk aangetroffen dat later gedateerd kan worden, zoals (proto)steengoed en roodbakkend aardewerk.

Een selectie van het aardewerk uit Waterput R van de Stadsfenne opgraving in Stavoren. Foto door de ROB.
Een selectie van het aardewerk uit Waterput R (vondstnummer 329) van de Stadsfenne opgraving in Stavoren. Foto door de ROB.
Vondstnummer 313. Wandfragment van een kogelpot met opvallende ingeritste lijnen. Foto door mijzelf.
Vondstnummer 313. Wandfragment van een kogelpot met opvallende ingeritste lijnen. Foto door mijzelf.

De gegevens die ik nu heb verzameld ga ik de komende weken gebruiken om de resultaten van de opgraving beter te kunnen duiden en dateren. Maar daarover later meer 🙂